|
|
|
|
|
NATIONALE
PARKEN ZUIDEREILAND |
 |
|
Abel
Tasman national Park
Het park met een oppervlakte
van 225 km² is het kleinste nationale park van
Nieuw-Zeeland. Het omvat verschillende mooie,
zandstranden en baaien, regenwouden vol hang -en
klimplanten en boomvarens en verder landinwaarts
overheersen de berkenbossen. Voor de kust leven
zeehonden, dwergpinguïns en dolfijnen en op de rotsige
landtongen zijn vele zeevogels te zien. Het park staat
vooral bekend om de Coastal Track, een wandeling dat
vaak in één richting langs de kust wordt gelopen. Je
kan met de watertaxi gehaald of gebracht worden naar het
begin of einde van de track. Deze wandeltocht is
inmiddels een populaire attraktie geworden en in de
zomermaanden bestormen vele bezoekers het
natuurlandschap. Abel Tasman is ook een van de betere
plaatsen om op zee te gaan kajakken. Vanuit de kajak kan
je dan zeehonden, pinguïns of dolfijnen bekijken.
De
informatiecentrums zijn te vinden in Motueka en
Totaranui.
<<<<
terug |
|
Kahurangi
National Park Het park is na het Fiordland NP het grootste park
van Nieuw-Zeeland. Het heeft een totale oppervlakte van 4510 km².
Je vindt er een grote verscheidenheid aan |
|
|
inheemse dieren
en planten. Het gebied was een lange tijd geïsoleerd geweest,
daardoor konden nieuwe soorten en variëteiten ontstaan. De helft van
de in Nieuw-Zeeland voorkomende planten, en 70 plaatselijke soorten,
komen hier voor. Enkele bedreigde vogelsoorten zoals de kiwi, de kaka
en de kereru leven hier in het park, maar ook de enige twee
vleermuissoorten zijn hier in het gebied gesignaleerd. Langs de kust
leven drie zeehondenkolonies.
Er
ligt een netwerk van 600 km aan wandelpaden waarvan de Heaphy Track de
meest bekende is. Het is een wandeling van vier tot zes dagen over een
lengte van 78 km. |
|
De
informatiecentrums zijn te vinden Motueka en Karamea.
<<<<
terug |
|
Nelson
Lakes National Park Het 960 km² park ligt aan de noordpunt van de
Southern Alps en bestaat uit ruig en gevarieerd terrein. Je vindt er
verlaten berkenbossen langs meren en open beemdgrasvlakten onder
onherbergzame pieken. Twee grote gletsjermeren, Lake Rotoiti en Lake
Rotoroa, zijn de juwelen van dit park. In het park ligt 270 km
aan wandelpaden waarvan de langste 80 km lang is. Dit is de
Travers-Sabine Circuit en kan in vier tot zeven dagen gelopen worden.
Er is ook voldoende keuze uit verschillende korte wandelingen.
Het
informatiecentrum is te vinden in St Arnaud. <<<<
terug |
|
Paparoa
National Park Het niet zo omvangrijke park, niet groter de 300 km²,
strekt zich uit van de kust tot boven aan de Paparoa Range. Het omvat
prachtige stranden, kalksteengrotten, indrukwekkende ravijnen en
bosrijke valleien. Er heerst een mild en vochtig klimaat waarin
subtropische vegetatie zoals hang- en klimplanten en palmbomen goed
gedijen. De belangrijkste attractie van het park zijn de Pancake Rocks
en Blowholes van Punakaiki. Het eeuwenlange spel van wind en golven
heeft in het zachte afzettingsgesteente bizarre vormen gegraveerd. De
spuitgaten van de blowholes zijn het spectaculairst wanneer tijdens
vloed een stevige westenwind samengaat met springtij. Naast deze attractie
heeft het park nog meer te bieden, het loont zeer de moeite
om het gebied enkele dagen te verkennen.
Het
informatiecentrum is te vinden in Punakaiki.
<<<<
terug |
|
Arthur's
Pass National Park Het 1170 km² grote park is het op vijf na
grootste park van het land en vertoont enorme geologische en
klimatologische contrasten. In het westen liggen dichte regenwouden en
diepe kolkende rivieren. In het oosten is de vegetatie wat minder
weelderig, ranke beukenbomen gaan over in droog pluimgras waarop
schapen en herten grazen.
In
het gebied, het westen, valt jaarlijks meer dan 5000 mm regen. In het
oosten daarentegen valt slechts 1500 mm neerslag. Het is een van de
meest geliefde wandelgebieden van het Zuidereiland. Veel bergtoppen
zijn hoger dan 2000 m, maar er kunnen toch genoeg eenvoudige
wandeltochten gemaakt worden. Vanuit Arthur's Pass Village zijn
eveneens drie- of vierdaagse tochten te ondernemen met overnachtingen
in goede hutten.
Het
informatiecentrum is te vinden in Arthur's Pass Village. <<<<
terug |
 |
|
Westland
National Park Geen ander nationaal park in Nieuw-Zeeland wordt zo
gekenmerkt door landschappelijke tegenstellingen als het 1175 km²
grote Westland NP. In het westen vindt je kilometerslange
zandstranden, dichte regenwouden en stille meren, in het oosten
metersdikke gletsjers en met sneeuw bedekte bergen. Het park telt
ongeveer 60 gletsjers, waarvan Franz Josef en Fox de bekendste zijn.
Ondanks
verstoringen door de goudkoorts aan de westkust in de 19de eeuw en de
akkerbouw op de vlakten is het gebied grotendeels ongerept gebleven.
In
veel plaatsen langs de westkust zijn informatiecentrums te vinden over
dit mooie gebied.
<<<<
terug |
|
Mount
Cook National Park Het 700 km² grote gebied telt negentien pieken
van meer dan |
|
|
3000
m hoogte.De spectaculaire Mount Cook, de hoogste top van het land,
wordt door de Maori Aoraki (de wolken-doorboorder) genoemd. Volgens de
Maori-legende zijn de berg en de toppen eromheen gevormd toen een
jongen, genaamd |
|
Aoraki
en zijn drie broers uit de hemel afdaalden op
Papatuanuku (moeder aarde) te bezoeken in een kano. De
kano kapseisde en toen de jongens naar de
achterzijde van de boot gingen veranderden ze in steen.
Voor de Maori is deze berg dus heilig.
Meer
dan eenderde van het park is permanent bedekt met sneeuw
en ijs. De Tasman Glacier, met een lengte van 29 km en
een dikte van ongeveer 600 m, is een van de grootste
buiten de Himalaya.
In
dit gebied zijn wandelingen uitgezet vanaf een uur tot
meerdaagse trekkings.
Het
informatiecentrum is te vinden Mount Cook Village.
<<<<
terug |
|
Mount
Aspiring National Park Het op twee na grootste
nationale park, met een oppervlakte van 3500 km²,
herbergt enorme gletsjerhellingen begroeit met
beukenbossen die overgaan in hooggelegen bergweiden en
ten slotte in imposante bergtoppen, waarvan sommige meer
dan 2000 m hoog zijn. Het park ligt vlakbij de
toeristische centra Quuenstown en Wanaka, en is dus een
populaire bestemming voor wandelaars en klimmers. De
populairste wandeltocht door het park is de twee- tot
driedaagse Routeburn. In de zomer bieden minibussen
regelmatig diensten aan naar de begin- en eindpunten van
de populaire wandelroutes. Het weer kan hier in de zomer
snel omslaan, je moet rekening houden met zware regenval
en sneeuw in de hogergelegen gebieden.
Het
informatiecentrum is te vinden in Wanaka.
<<<<
terug |
|
Fiordland
National Park Het park is met een oppervlakte van
12.000 km² het grootste nationale park van
Nieuw-Zeeland. Het is een woest gebied met diepen
fjorden, waar de Tasmanzee tot ver in het beboste
heuvel- en berglandschap doordringt. De gletsjermeren Te
Anau en Manapouri zijn de grootste meren in het
binnenland. Van de veertien fjorden in het park zijn de
Milford Sound en de Doubtful Sound de toegankelijkste
maar ook de bekendste. Het is een van de regenrijkste
gebieden ter wereld, er valt hier jaarlijks meer dan 7 m
aan neerslag.
Daar
tussendoor zijn er natuurlijk ook zonnige perioden.
Regenkleding en een beschermingsmiddel tegen insecten
mag niet in je bagage ontbreken. De zwermen sandflies,
die de hele dag rondzoemen, kunnen het humeur flink
bederven. De Milford Track is een van de populairste
wandelroutes van het land, maar je hebt er een
vergunning voor nodig en in het hoogseizoen moet je soms
maanden van tevoren reserveren.
De
informatiecentrums zijn te vinden in Manapouri en Te
Anau.
<<<<
terug |
|
Rakiura National Park, ligt op
Stewart Island en is het veertiende en meest recente
nationaal park van Nieuw-Zeeland (officieel geopend in
2002). Het park heeft een oppervlakte van 163 km² en het
beslaat bijna het hele eiland. Door het ontbreken van
natuurlijke vijanden is dit de beste plaats om kiwi's in
hun natuurlijke omgeving te observeren. Er leven ook vele
andere
soorten vogels. U kunt hier o.a. de kaka, tui, bijeneter, geeloogpinguin,
dwergpinguin, dikbekpinguin zien. Aan
de kust leven zeehonden en dolfijnen. Het enige zoogdier dat er voorkomt
is de vleermuis.
<<<<
terug |
 |
|
|
|
|
|